Black Boys F1 – ONS BOSO Sneek F2

Het is de rand van de nacht. Want zo kun je het vroege tijdstip wel omschrijven. Een uur of half negen. De slaapluizen nog in de ogen, het ontbijt overgeslagen. De regen druppelt gestaag neer, soms zachtjes en soms hard. En de gevoelstemperatuur komt op dit vroege uur niet echt boven het vriespunt uit.

We schrijven zaterdag 21 maart en ik ben op weg naar de F1-pupillen van Black Boys. De toevoeging één is eigenlijk overbodig, want de club die al in 1929 als één van de eersten in Nederland een eigen jeugdafdeling oprichtte, heeft anno 2015 maar één F-team. En die spelen vanmorgen tegen de leeftijdsgenoten van ONS Boso Sneek.
Voor de bezoekers moet het een vreemde gewaarwording zijn om op sportpark Het Schuttersveld tegen Black Boys aan te treden, want de vierdeklasser had de afgelopen jaren geen eigen jeugd en een bezoek aan het meest noordelijke sportpark van onze stad stond toen in geen enkel mededelingenblad. Na een goede wervingsactie en een fantastische clinic in het voorjaar van 2014 vermeldt Sportlink Services dit seizoen in het programma en uiteraard in de uitslagen echter weer twee jeugdteams van Black Boys. Een E- en een F-team zijn het fragiele begin van wat moet uitgroeien tot een volwaardige jeugdafdeling. Aan het enthousiasme van de spelertjes, de begeleiding en de aanwezige familieleden zal het niet liggen, want hoewel de wekker nog maar net heeft gerinkeld, is iedereen aanwezig en spat de beleving er van af. En ook de tenue’s met heuse shirtsponsors verraden een aanpak, die uiteindelijk tot meer “All Blackjes” moet leiden.

Hoewel er nu overal kleedkamers zijn en de spelers na de wedstrijd onder een warme douche kunnen, zijn de tijden bij de F-pupillen de laatste decennia eigenlijk niet veranderd of het moet het halve veld zijn, waarop de wedstrijden nu worden afgewerkt. De meesten rennen achter de bal aan en maar een enkeling houdt zich afzijdig. De wedstrijd is er dan ook één zoals de meeste wedstrijden bij de F-pupillen. Waar de bal is, zijn op de keepers na alle spelertjes te vinden. In trainerstaal, een compacte speelwijze met de linies dicht op elkaar, beter bekend als kluitjesvoetbal. Maar dat heeft wel zijn charme, want daarna wordt het nooit meer zo mooi als in de allerjongste jeugd. Vanaf het moment dat moeders niet meer in de kleedkamer mogen om hun zoon of dochter te helpen bij het omkleden, doet het “tactische” keurslijf zijn intrede en is het frivole vaak voor goed verleden tijd. Dan gaat het alleen nog om winnen. Jammer want het spontane, het onverwachte, het onberekenbare is een groot goed en levert niet zelden de beste voetballers op. Dat moet je zo lang mogelijk en het liefst voor altijd koesteren. Net zoals Black Boys haar jeugdteams moet koesteren, want zij vormen naast de vele vrijwilligers uiteindelijk wel de levensader van de club.

Het F-deel van die levensader met broekjes op en soms over de “knibbeltjes” omvat vanmorgen maar liefst elf spelertjes en wordt begeleid door de Black Boys-coryfeeën Alex de Jong en Erwin de Vries. Hun enige taak is eigenlijk om de enthousiaste wissels in toom te houden en om er voor te zorgen, dat iedereen ongeveer evenveel speeltijd krijgt. Tactische aanwijzingen hoor je nauwelijks en slechts één keertje schalt de kreet “man in de rug” over Het Schuttersveld, al doet de kreet toch wat vreemd aan bij spelers waarvan een aantal moeiteloos rechtop onder de afrastering door kan.

De F-jes van Black Boys komen in de eerste helft op 2-0, maar moeten dan toestaan, dat ONS het initiatief overneemt. De oranjehemden komen nog voor de rust op gelijke hoogte en buigen de achterstand na de limonade om in een 2-3 voorsprong. Dat lijkt ook de einduitslag te worden, maar de mannen en een vrouw in het zwart tonen karakter en weten in de slotseconden alsnog de gelijkmaker te produceren (3-3). Na het eindsignaal van de scheidsrechter, die à la Libbe Nauta tijdens de wedstrijd de veters van een speler strikte, volgen nog de traditionele pengels en getuige de snelheid, waarmee de vedetten in spé twee rijen vormen, is dat blijkbaar een populair, zo niet het populairste onderdeel. Vanaf een meter of vijf – en de allerkleinsten van nog iets dichterbij – neemt iedere speler er één. De aanloop is soms twee keer zo lang als de afstand van de penaltystip tot de goal en een treffer wordt met evenveel gejuich ontvangen als een redding van de keeper.

Als die serie pengels is afgesloten weten de meesten volgens mij de uitslag van de wedstrijd al niet meer en eigenlijk doet die er ook niet toe. Plezier, enthousiasme, beleving, dat is waar het om draait. En dat was volop aanwezig en absoluut waard om de rand van de nacht te verschuiven.